Blog 4, “U bent moeder van vele mensen, vindt u dat niet wat veel?”

Na deze uitspraak van mijn begeleiding, besluit ik me hier op te verstillen.
Het eerste dat in me opkomt zijn de jaren waarin ik een praktijk had voor spirituele hulpverlening. 
Mijn kinderen zijn dan nog jonge pubers, ik sta parttime voor de klas en heb 3 dagen in de week praktijk; van zo’n 6 cliënten per dag, bovendien geef ik lezingen en cursussen.
Op een bepaald moment heb ik voor mijn praktijk een wachttijd van een jaar, wat een vreselijke druk op me legt.

Ik voel menigmaal hoe de soms zware problemen, zorgen en verdriet van de cliënten in me achterblijven.
Ik vroeg me wel eens af waar deze energieën bleven in mij.
Dan waste ik mijn handen goed en 
liep even een blokje rond. Natuurlijk was dat niet voldoende om me te ontdoen van wat achter was gebleven.
Menigmaal vroeg ik me dan ook af: “Waar blijft dat wat ik in me voel eigenlijk”.

Ik spreek er over met een vriendin, die ook een jarenlange spirituele praktijk heeft gehad en nu ook door kanker is getroffen. Haar begeleiding zegt dat door onze vergaande empathische vermogens, negatieve energieën als droesem in ons lichaam achter zijn gebleven. 

Ik herken dit onmiddellijk, maar bedenk dat ik daar zelf een bodem voor moet geboden hebben.
Waarom ben ik b.v. altijd zo te bepalen door mensen die slachtofferig doen? Soms zelfs te manipuleren.
Dat eeuwige gevoel van medelijden, wat is dat toch in mij?
Anna Lamb

Reacties zijn gesloten.